Feedback geven hoort bij leidinggeven, maar veel managers vinden het lastig. Te zacht en de boodschap komt niet aan, te hard en de ander klapt dicht. Goede feedback is geen kunst, maar een vaardigheid die je kunt leren.
Scheid gedrag van persoon
Richt je feedback altijd op gedrag, niet op iemands karakter. 'Je was te laat met dit rapport' is bespreekbaar. 'Je bent ongeorganiseerd' is een oordeel waar iemand zich tegen gaat verdedigen. Beschrijf wat je hebt gezien en wat het effect was, zonder een etiket op de persoon te plakken.
Wees concreet en op tijd
Vage feedback ('het kan beter') helpt niemand. Benoem precies wat je bedoelt en geef een voorbeeld. Doe het ook snel: feedback over iets van weken geleden voelt als oude koek en is moeilijker te plaatsen.
Vraag door in plaats van alleen te zenden
Feedback is een gesprek, geen mededeling. Vraag hoe de ander de situatie zag. Soms blijkt er een reden te zijn die je niet kende. Door te luisteren maak je van een correctie een gezamenlijke zoektocht naar verbetering.
Benoem ook wat goed gaat
Mensen die alleen horen wat fout gaat, raken hun motivatie kwijt. Benoem oprecht wat iemand goed doet, niet als verplicht voorafje voor de kritiek, maar omdat erkenning even belangrijk is als correctie. Een team dat zich gezien voelt, neemt feedback makkelijker aan.
Sluit af met een vervolgstap
Een goed feedbackgesprek eindigt met een concrete afspraak: wat gaat de ander anders doen, en wanneer kijken jullie er samen op terug? Zo wordt feedback geen losse opmerking, maar een stap in iemands ontwikkeling.